20 jaar Leo Smit Stichting
Componisten en repertoire
Logon


Hans Lachman
(1906-1990)

Hans Lachman


Heinz Lachmann kwam op 7 maart 1906 ter wereld in Berlijn. Als jongetje kreeg hij zijn eerste pianolessen van zijn moeder. In de jaren twintig studeerde hij wis- en natuurkunde onder wetenschappers als Albert Einstein, Niels Bohr en Max Planck, maar hij koos uiteindelijk toch voor het beroep van musicus. Lachmann speelde verschillende blaas- en toetsinstrumenten. Vanaf 1930 was hij onder meer verbonden aan Sid Kay's Fellows, de eerste jazzband van Berlijn. Ook werkte hij als musicus en arrangeur.
Kort na de machtsovername door de nationaalsocialisten in 1933 vluchtten Lachmann en zijn vrouw naar Amsterdam. Hij werd trombonist en arrangeur in het Tuschinski-orkest van Max Tak. Via Max Tak kreeg Lachman opdrachten om muziek te componeren en te arrangeren voor meer dan tien films, waaronder Het meisje met den blauwen hoed en Op stap. Zijn muziek bleef in Hollywood niet onopgemerkt: in mei 1935 ontving hij een uitnodiging om voor Metro Goldwyn Mayer te komen werken. Lachman koos er echter voor om in Nederland te blijven. In 1934 had hij een gastoptreden voor een plaat van The Ramblers van Theo Uden Masman. Tot aan de Tweede Wereldoorlog werkte hij een aantal jaren voor de Snip en Snap Revue.
Na de anti-Joodse verordeningen van de Duitse bezetter was hij als trombonist en arrangeur verbonden aan het Joodsch Amusementsorkest onder leiding van Bernard Drukker. Het orkest bestond uit voormalige musici van de omroeporkesten en trad op met solisten als Johnny en Jones. Lachman speelde ook in het Joodsch Symphonie Orkest. Zodra de oproepen voor Westerbork kwamen, dook hij met vrouw en kind onder in Noord-Limburg. Pastoor Henri Vullinghs hielp het gezin Lachmann zich te verbergen in een aantal verschillende Peeldorpen. In 1944 werden ze bevrijd. Vullinghs heeft voor zijn dapperheid met zijn leven moeten betalen. Na de oorlog componeerde de dankbare Lachman een Requiem voor Vullinghs onder het pseudoniem H.J. van Limburg.

Na de oorlog veranderde Heinz Lachmann zijn naam in Hans Lachman. Zes jaar later werd hij tot Nederlander genaturaliseerd. Aanvankelijk was hij opnieuw actief op het gebied van de lichte muziek. In zijn eigen composities richtte hij zich echter steeds meer op eigentijdse klassieke muziek. Rond 1950 formeerde hij het Ensemble Lachman, met blazers van het Concertgebouworkest, later opgevolgd door Moments Musicaux, met blazers én strijkers van het KCO. Zijn stijl werd steeds moderner en hij schreef een groot en gevarieerd oeuvre bij elkaar. Regelmatig voerden orkesten en ensembles van de radio zijn muziek uit.
Van 1958 tot 1968 was Lachman als organist en koordirigent en componist verbonden aan de Liberaal Joodse Gemeente in Amsterdam. Zijn cantate Stammen van Israel werd in 1967 door de AVRO uitgezonden. Deze cantate verklankt de Joodse geschiedenis in de diaspora.
Als pianist begeleidde hij zangers van het Jiddische lied, zoals de Poolse bariton Abraham Rettig. Voor de vijftiende viering van de onafhankelijkheid van Israël bewerkte en arrangeerde hij traditionele Joodse liederen. In zijn eigen muziek gebruikte Lachman uitsluitend Joodse motieven in citaten van gebeden. In Amsterdam voerde hij de synagogale muziek van Darius Milhaud voor chazan, gemengd koor en orgel uit.

De laatste jaren van zijn leven ondervond Lachman dat de stijl waarin hij componeerde niet aansloot bij de atonale modernistische muziek die vanaf de jaren zeventig in de mode raakte. Langzamerhand raakte hij in de vergetelheid; hij overleed in 1990. In 2008 bracht fluitiste Eleonore Pameijer een bezoek aan zoon Michel Lachman. Het volledige oeuvre van Lachman werd, enigszins vochtig, tevoorschijn gehaald uit een sinaasappelkist die jarenlang in een tuinschuurtje had gestaan. Sindsdien worden zijn composities weer uitgevoerd, onder andere tijdens concerten van de Leo Smit Stichting.


Selectie van werken

Requiem ongedateerd gemengd koor en orkest
Sonate voor fluit en piano op. 2 ongedateerd fluit en piano
Derde Strijkkwartet 1968 2 violen, altviool, cello

De manuscripten uit het sinaasappelkistje zijn inmiddels veilig ondergebracht bij het Nederlands Muziek Instituut in Den Haag. In de Muziekbibliotheek van de Omroep wordt een groot aantal composities en arrangementen bewaard, zie www.muziekschatten.nl

Op 9 en 10 april wordt het Requiem van Hans Lachman opnieuw uitgevoerd in de parochiekerk OLV ten Hemelopneming in Grubbenvorst. Bij die gelegenheid is een documentaire over Pastoor Vullinghs en Hans Lachman gemaakt door Rick Roos.

homepage